‘Wij mannen zijn gewoon nodig in de opvang’

Op de Amsterdamse vestiging van Kindergarden waar Aramez Poepon (30) coördinator is, werken drie mannen en drie vrouwen. Daar heeft hij persoonlijk voor gezorgd. ‘Samen zijn we een sterk team met één taak: er zijn voor de kinderen.’

‘Wij mannen zijn gewoon nodig in de opvang’

Toen Aramez – vader van twee jongens, gelukkig samenwonend in Almere – een paar jaar geleden werd ingewerkt op een bso-locatie viel het hem op dat de kinderen naar hem als man toetrokken. Zowel de jongens als de meisjes bleven maar roepen ‘meester, meester!’ Terwijl er ook vijf vrouwen waren. ‘Het was voor mij een bewijs dat ik best goed ben in het werken met kinderen. En ik begreep ook dat kinderen het leuk vinden om een manfiguur op de groep te hebben.’

In jouw team op de bso zitten maar liefst drie mannen. Dat zie je niet vaak. Hoe heb je dat geregeld?

‘Er was al een mannelijke collega en de ander heb ik zelf binnengehaald. Ik kende hem zijdelings en hij vroeg of er toevallig een vacature was bij Kindergarden. Het leek me leuk om een man erbij te hebben, dus ik ben erg blij dat hij er nu bij is. Dat wil overigens niet zeggen dat ik het niet leuk heb met de vrouwen op de groep.’

Kinderen zijn dol op jou. Hoe pak je het contact aan?

‘Ik probeer me te verdiepen in wat ze bezighoudt. Kinderen van een jaar of negen waren een tijd dol op FortNite. Ik wil dan weten wat het is en hoe het werkt, zodat ik er een babbeltje over kan maken met ze. Je merkt dat ze dat leuk vinden. Ik denk dat ik me wel goed kan inleven. En ik heb een sportachtergrond, dat is ook een pre.’

Wat heb je in de sport gedaan?

‘Ik organiseerde voor een bureau betaalde en gratis activiteiten voor kinderen in Amsterdam Oost. Dit deed ik voor verschillende doelgroepen. Ik begeleidde ook een vast groepje kinderen met overgewicht. Zo heb ik geleerd hoe je verschillende kinderen een leuke dag kan geven.’

Wat maakt deze doelgroep zo leuk?

‘Ik kom uit een groot gezin. Ik heb nog een broer en twee zussen. Ik had dus altijd kinderen om me heen. Toen mijn broer en ik kinderen kregen, ontdekte ik hoe leuk ze zijn. Hoe leuk is het om de ontwikkeling van kinderen te volgen. Te zien hoe ze groeien en steeds zelfstandiger worden. Ik wil ze graag helpen gelukkig op te groeien.’

Lukt dat?

‘De kinderen waarmee ik werkte bij de sportactiviteiten, herkennen me jaren later nog steeds. ‘Hey Aramez!’ roepen ze dan. Ze willen vaak even een babbeltje maken. Ik heb blijkbaar iets betekend in hun leven, dat maakt me trots. Dit wil ik doortrekken naar mijn werk in de kinderopvang.’

Er was al man in het team, de ander heb ik zelf binnengehaald. Samen met drie vrouwelijke collega’s zijn we goed in balans
Aramez

Mannen zijn er dus niet alleen maar om een balletje mee te trappen.

‘Zeker niet. Afgelopen jaar was door corona erg onrustig. In die periode kwam er een nieuw meisje op de groep. Ze sprak alleen Italiaans. Iedere keer bij het ophalen van school was het huilen geblazen. Ik gaf haar extra aandacht, probeerde haar op haar gemak te stellen door bijvoorbeeld een vertaalapp te gebruiken. Ze bleef sip. Na de lange lockdown, waardoor ik haar negen weken niet had gezien, kwam ze ineens vrolijk naar me toe en kreeg ik een knuffel.’

Daar doe je het voor..

‘Ja. Het is nu zelfs zo dat als ik op het schoolplein ben en haar vader ook, ze eerst naar mij komt ha ha. Ik heb er veel aan gedaan om haar op haar gemak te stellen. Het is prachtig om te zien als dat effect heeft.’

Is een knuffel aan zo’n meisje geven iets waar je bij nadenkt, puur omdat je een man bent?

‘Ik geef een knuffel als ze dat nodig hebben. Als ze er geen behoefte aan hebben, mogen ze een boks of high five geven. Het is aan hen.’

Gaan de andere mannen makkelijk met de vrouwelijke collega’s om?

‘We hebben hier een mbo-student waarbij ik merkte dat hij het liefst met mij of de andere mannelijke collega wilde optrekken. Toen hij onlangs met paar kinderen naar de speeltuin zou gaan, vroeg hij of er een man mee kon. We hebben er over gepraat. Misschien dat hij onzeker was? Ik snapte het niet.’

Wat bespreek je op zo’n moment?

‘Ik heb duidelijk gemaakt dat we één team zijn. Vrouwen zijn niet beter dan mannen of andersom, we zijn gelijk. We hebben als team één belangrijke gezamenlijke taak en dat is er zijn voor de kinderen. Het werd positief opgepakt, ook door de student. We zijn weer wat hechter geworden. Ik ben supertrots op mijn team!’